Dit is te vinden in: "Spelregels voor interbestuurlijke verhoudingen Eerste periodieke beschouwing over interbestuurlijke verhoudingen van de Raad van State".
Gemeenten moeten opkomen voor de belangen van hun inwoners, en er moet rekening mee worden gehouden met hun autonomie, zelfs wanneer er hiërarchie in de wet is, zoals artikel 9C van de Elektriciteitswet 1998 voorschrijft.
De gemeente Rijssen-Holten geeft aan dat door de komst van windturbines woningen niet kunnen worden gebouwd, wat ook geldt voor de gemeente Wierden. Dit toont aan dat de ruimtelijke impact van de provinciale plannen op lokaal niveau aanzienlijk is.
Dit wordt ondersteund door bronnen zoals de juridische bouwsteen van Pels Rijcken, die stelt dat er een evenwichtige toedeling van functies op locaties moet zijn voor een goede ruimtelijke ordening.
Opvallend is dat bij andere provinciale programmeringsafspraken, zoals voor bedrijventerreinen, wel expliciet wordt aangegeven dat regionale afspraken over de kwaliteitseisen aan de fysiek-ruimtelijke inpassing moeten zorgen dat de ruimtelijke impact zo klein mogelijk blijft.
Programmeringsafspraken van de provincie overrulen de ruimtelijke plannen van de gemeenten, wat in bepaalde gemeenten zoals Rijssen-Holten en Wierden de bouw van woningen belemmert.
Daarnaast zijn sommige gemeenten sinds juli 2023 in grote windclusters geplaatst, wat betekent dat solitaire windturbines extra druk op de ruimte in deze gemeenten kunnen geven.
De heer van Raaij gaat er volledig aan voorbij dat de provincie Overijssel eerst aangaf dat de verhouding tussen wind- en zonne-energie 40% wind en 60% zon zou zijn, maar dit later omdraaide naar 60% wind en 40% zon.
In reactie op het artikel van Leo van Raaij, Tubantia 10 juli 2024
Stelling 1 van Leo van Raaij: Gemeenten hebben bewust geen keuzes gemaakt als het gaat om windenergie