@Floebertus Ja voor Berkshire kunnen er heel andere belangen spelen.
Ik geloof ook nog steeds dat Google één van de grote winnaars zal zijn in de AI race.
Of de beleggers in Google dat ook gaan zijn, is afhankelijk van wanneer ze instapten (of zullen instappen).
Je kan hier op twee manieren naar kijken:
1/ Ze moeten geld ophalen, want zelfs hun vrije cashflow is niet mee genoeg. Er wordt veel te veel in AI geïnvesteerd. Dit is niet goed.
2/ Geweldig slim dat ze deze kapitaalverhoging doen aan deze huidige stevige koersen en voor al het geld uit de markt wordt gezogen door de IPO’s van SpaceX, OpenAI en Anthropic. Hiermee zullen ze voorop blijven in de AI race.
En eigenlijk is beide tegelijk waar.
Enorme kapitaalverhoging van $80 miljard bij Alphabet voor AI-investeringen, waaronder een private plaatsing van $10 miljard bij Berkshire Hathaway
$GOOGL -2% after hours
Belastingdruk moet stijgen 🤦. Hij schrijft het echt.
Dat de cijfers zeer selectief en onvolledig zijn, is nog een ander verhaal. Maar belastingdruk laten stijgen in België?
Ik ken wel wat 1%ers. Ik zou schatten kunnen verdienen als ik hen zou kunnen tonen hoe ze maar 23% moeten betalen.
Nee. Belastingdruk op onderste 20% is 37%, veel hoger dan belastingdruk van 23% op top 1%. Belastingdruk op top moet stijgen. Dan kan ook belastingdruk op onderste 20% dalen. (Bron Decoster et al., De Paradox van Ongelijkheid in België, 2024, Lannoo Campus, blz. 147.)
@dinosaursr1993@JeanDedecker@BikerRecumbent MR staat in de internationale pers bekend als links liberaal.
V.S. Is niet liberaal.
Als je natuurlijk van extreem links komt lijkt alles meer naar het centrum rechts.
@dinosaursr1993@JeanDedecker@BikerRecumbent Nee. Ik schaam me er niet over en is duidelijk al meerdere keren in mijn tijdlijn geweest.
Ik ben rechts liberaal. Dus nee niet VLD, Anders of MR.
In België helaas partijloos.
En voor je aan een dividend komt,is er bij gewone bedrijven ook al 25% vennootschapsbelasting betaald. Bij GVV’s dan weer niet.
Bij privé vastgoed is er geen verschil tussen bruto en nettohuurgelden, want je mag kosten niet aftrekken. Belasting is forfaitair.
Het is zeker niet ongunstig, maar vergelijken met beroepsinkomen vind ik ook fout. Die belasting is belachelijk hoog en zou nergens als referentie mogen worden gebruikt. Of het zou zijn als ‘hoe het niet moet’.
Stelregel is simpel. Residentieel verhuur --> privé aankopen.
Commercieel verhuur --> via vennootschap.
Je kan het nooit 100% exact gaan uitrekenen door tal van factoren, waaronder ook de looptijd.
Maar bovenstaande stelregel is gangbaar.
Mijn ervaring: Vastgoed in vennootschap is goed zolang er afschrijvingen zijn. Van zodra je wil verkopen, dan kost het serieus geld en zit je beter privé.
Dus wil je één of twee appartementen om te verhuren om je pensioen of levensstijl te verhogen, dan privé.
Wil je blijven groeien en imperium uitbouwen, dan vennootschap.
@on8si@adembaba11@IvanVandeCloot@Bvancraeynest Het ging hier helemaal niet over werknemers of zelfstandigen. Wel over top 1% (waar ik helaas -nog- niet toe behoor) die te weinig zouden betalen.
Ik ga er ook vanuit dat jij niet bij die 20% van laagste inkomens hoort.
Hoge basisdruk al: België heeft een van de hoogste tax-to-GDP (~43-45%) en tax wedge op arbeid (52,7% voor gemiddelde loontrekker, hoogste OECD; HRF). Marginal rates op arbeid zitten al op 50%+ + gemeente + BBSZ. Verdere verhoging aan top raakt investeringen, ondernemerschap en mobiliteit (kapitaal is mobiel – zie Franse 75%-experiment met exodus).
• Bottom-druk fixen zonder top-hike: De hoge druk onderaan zit vooral in regressieve indirecte taksen. Oplossingen: uitbreiden werkbonus, lagere BTW op basisgoederen, bredere basis (minder aftrekken overal), of verschuiving naar minder distortieve belastingen (erfbelasting, milieu). HRF adviseert expliciet: verlaag arbeidswedge via base-broadening + credits voor laagste lonen, niet lineaire topverhogingen (die hoge elasticiteiten bij laagste inkomens negeren en traps creëren).
• Groeieffect: hogere topdruk kan BBP-groei drukken → minder middelen voor iedereen, inclusief uitkeringen voor bottom.
Decoster zelf (uit recensies/interviews): Het boek toont vooral dat ongelijkheid stabiel bleef dankzij beleid en herverdeling; we zijn “minder uitzonderlijk”. Geen pleidooi voor simplistische tariefverhoging, eerder voor betere data en nuance rond vermogensinkomen in vennootschappen.
Samenvatting: waarom de stelling onderuit gaat
• Cijfers → selectief bruto-plaatje, negeert netto-ontvangersstatus van bottom en absolute bijdragen van top.
• Interpretatie → negeert dat regressie aan top door loopholes komt (vervennootschappelijking), niet door “te lage tarieven”.
• Conclusie → causale shortcut die trade-offs negeert (ontwijking, mobiliteit, al hoge totale druk, U-vormige optimale marginale tarieven uit optimale-belastingtheorie).
Een eerlijker beleid: basis verbreden (vennootschappen harmoniseren, aftrekken snoeien), gerichte verlagingen onderaan (werkbonus uitbreiden, BTW op essentials), en groei bevorderen zodat er meer te verdelen valt. Dat levert echte lastendaling voor de onderste 20% zonder de illusie dat een simpele “top moet meer” het oplost. Het boek zelf levert daarvoor juist de genuanceerde data – de stelling cherry-pickt er één grafiek uit. 2/2
Volg gewoon @IvanVandeCloot en @Bvancraeynest en je krijgt constant andere argumenten.
Dit is wat grok erover te zeggen heeft. Voor wie het toch niet helemaal gaat lezen: de cijfers van Paul De Grauwe kloppen, maar zijn cherry picking:
Nee, deze stelling is grotendeels misleidend en simplistisch – de cijfers zijn technisch correct uit het boek, maar de interpretatie en de beleidsconclusie (“top omhoog → bottom omlaag”) laten cruciale context, netto-effecten en economische realiteit buiten beschouwing. Hieronder haal ik ze systematisch onderuit met argumenten en harde cijfers uit officiële en gerelateerde bronnen.
1. De cijfers (37% vs 23%) zijn een bruto-effectieve druk op een specifieke brede inkomensmaat (DINA-methode), geen “werkelijke last”
• Het gaat om totale druk (PB + sociale bijdragen + indirecte belastingen zoals BTW/accijnzen) als % van een verruimd inkomen (inclusief toegerekend kapitaal, vennootschapsinkomsten etc., zie Decoster et al. via DINA-national accounts).
• Onderste 20% (37%): Dit zijn vooral gepensioneerden, werklozen en lage-uitkeringshuishoudens met laag bruto-inkomen. Hun “hoge” druk komt vooral van consumptiebelastingen (BTW + accijnzen wegen relatief zwaarder als je weinig verdient en veel consumeert van basisgoederen). Veel in deze groep betaalt nauwelijks PB, maar de metric telt consumptie wél zwaar. Cruciaal: uitkeringen en subsidies worden niet volledig of consistent netto getrokken in deze weergave – het is grotendeels bruto.
• Top 1% (23%): Komt door “vervennootschappelijking”: hoge inkomens verschuiven naar vennootschappen (lager VPB-tarief ~20-25% effectief + dividenden). Dit is een constructie, geen lage last per se. Absoluut betalen zij wel het leeuwendeel van de totale opbrengst.
• Bronnen bevestigen dit patroon (Figuur uit boek, geciteerd in De Grauwe Substack en FEB-rapport 2026), maar Decoster zelf nuanceert in interviews: dit toont erosie van de basis, maar België blijft “minder uitzonderlijk” en het systeem blijft sterk herverdelend.
Ondermijning: Dit is geen apples-to-apples “last” vergelijk. De onderste groep is netto grootontvanger (ontvangt fors meer dan betaalt), de top netto betaler. Het plaatje negeert dat.
2. Het volledige Belgische systeem is extreem herverdelend – al decennia
• Gini-coëfficiënt daalt van ~0.46 (marktinkomen) naar ~0.26-0.39 (na belastingen + uitkeringen): een van de sterkste reducties in de EU (Hoge Raad van Financiën 2020 en SWIID-data).
• België is “herverdelingskampioen”: transfers + belastingen reduceren ongelijkheid met 40-50%, lager dan EU-gemiddelde na herverdeling.
• Netto fiscale positie: onderste decielen zijn sterk negatief (ontvangers), top positief en dominant bijdrager. Indirecte belastingen zijn regressief, maar dat wordt gecompenseerd door progressieve PB op arbeid + uitkeringen (werkbonus, leefloon, pensioenen).
• HRF: “Het Belgische belasting- en uitkeringssysteem is relatief meer herverdelend dan elders in de Europese Unie.”
Ondermijning: Als de top al het meeste ophoest (absoluut en via de grote herverdeling), is de premisse “top betaalt te weinig” selectief. De lage 23% is een symptoom van basisvernauwing (niet te lage tarieven), geen bewijs voor meer progressie via hogere marginale tarieven.
3. “Belastingdruk op top moet stijgen, dan kan die op bottom dalen” is een valse causaliteit
• Geen automatisme: Extra opbrengst aan de top (via hogere tarieven) lekt weg door ontwijking/emigratie/groei-aversie. Voorbeeld: vennootschapsverschuiving kostte al 21 miljard € sinds 2013 aan gemiste PB + bijdragen (De Grauwe/FEB-analyse). Hoge inkomens betalen al “twee keer zoveel” als werknemer vs. via vennootschap – simpelweg terug naar werknemerstatuut levert meer op zónder tariefverhoging.
1/2