Wat een rare uitlatingen van Suleyman Aslami, D66-gemeenteraadslid te Amsterdam in bij @schrijver in @telegraaf . Dibi is al maanden onvindbaar. In die tijd heeft hij niet voldaan aan de vereisten van art. 10 Gemeentewet en het verzuim is niet hersteld. Kennelijk heeft de burgemeester hem daartoe ook niet aangezet, want 'we gaan niet achter hem aan'. Waarom niet? Wordt de wet niet meer gerespecteerd? 'Dit kan iedereen overkomen' zegt Aslami ook nog. Oh ja? Schulden maken en er vandoor gaan? Sommigen praten nu van 'een persoonlijk drama' en roepen op tot stilzwijgen. Zou kunnen, maar we weten niets. Dibi zwijgt. BIJ1 zwijgt. De burgemeester zwijgt. Lokale omroepen zwijgen. Eén -desnoods kort- statement en het is klaar. Zou het ook zo gaan als het geen linkse, maar een ('extreem') rechtse politicus betreft? Of duikt hier weer de in Amsterdam welbekende dubbele moraal op? Vragen, vragen, vragen.
Nicklas Nilsson legt het verschil uit tussen rechtse en linkse mensen in een messcherpe tekst :
"Als een rechtse persoon homo is, dan is hij dat, en het kan hem geen donder schelen wat anderen daarvan vinden.
Als een links iemand homo is, dan eist hij wetswijzigingen, protesteert hij tegen alles en iedereen, en maakt hij er een politieke strijd van.
Als een rechtse veganist is, eet hij gewoon geen vlees.
Als een links iemand veganist is, wil hij vlees verbieden, de voedselproductie stoppen en protesteren voor boerderijen en pluimveehouderijen.
Als een rechtse geen wapens mag, koopt hij er gewoon geen.
Als een links iemand geen wapens mag, probeert hij ze te verbieden, verhindert hij dat anderen er een bezitten, en haat hij degenen die ze wel hebben.
Als een rechtse zich zorgen maakt over het klimaat, vliegt hij minder, rijdt hij een elektrische auto als het hem uitkomt en scheidt hij zijn afval.
Als een links iemand zich zorgen maakt over het klimaat, wil hij fossiele auto's, vliegreizen en vlees voor iedereen anders verbieden, protesteren voor fabrieken en eisen dat de staat de verandering afdwingt.
Als een rechtse zijn kinderen een goede schoolopleiding wil geven, verhuist hij naar een buurt met goede scholen, kiest hij een privéschool of zet hij zich zelf in.
Als een links iemand zijn kinderen een goede schoolopleiding wil geven, eist hij meer belastinggeld van iedereen, gelijke resultaten voor iedereen, een verbod op vrijescholen en protesteert hij tegen elke vorm van verschil.
Als een rechtse klaagt over zijn baan of werkplek.. dat doet hij niet. Hij verandert van baan of start zijn eigen bedrijf.
Als een links iemand klaagt over zijn baan – dan ligt het aan de baas, het bedrijf of de collega's. Hij eist een collectieve overeenkomst, staking, veranderingen voor de hele buurt en protesteert tegen het bedrijf zodat het hem past.
Als een rechtse ontevreden is met zijn huis of huur, verhuist hij, renoveert hij of koopt hij iets anders.
Als een links iemand ontevreden is met zijn huis of huur, eist hij een huurstop, meer subsidies, reguleringen voor iedereen en protesteert hij tegen verhuurders en politici.
Als een rechtse faalt in een zakendeal of een investering die mislukt, staat hij op, klopt het stof af en probeert hij het morgen opnieuw.
Als een links iemand op de 24e geen geld meer heeft, geeft hij de rijken de schuld dat ze te veel hebben en meer moeten bijdragen, geeft hij de loterijwinst de schuld die vorige week niet binnenkwam en moppert hij dat hij zo'n pech heeft.
#STOPWOKE
@MrX1289 Je hebt hard gewerkt en een mooi resultaat behaald en ik ben benieuwd naar je doelstelling! Wil je me geloven dat je ook al mooi was voordat je aan deze uitdaging begon?
Terwijl homo’s in je eigen stad in elkaar worden gebeukt door de usual suspects als burgemeester op je high horse door de straten van Hongarije paraderen.
“Mag ik je wat vragen?” - Column✍🏻
Mijn hartslag schoot omhoog. Altijd. Zeker vroeger, toen ik nog in de kast zat. Als iemand ineens over “de Pride” begon, of “homo’s” noemde, hoopte ik maar één ding: laat het niet over mij gaan. Laat ze niets vragen, laat me verdwijnen. Die angst is nooit helemaal weggegaan. En dat terwijl ik inmiddels open ben over wie ik ben. Je zou denken dat je, eenmaal uit de kast, eindelijk vrij kunt bewegen. Maar in plaats van opgelucht te zijn, blijf je alert. Want zichtbaar zijn is ook gevaarlijk geworden.
Tegelijkertijd weet ik: ik mag niet klagen. Mijn coming-out was een zachte landing. Ik werd opgevangen door de allerliefste vrienden en familie. Mijn vrienden waren warm, oprecht en veilig. Mijn familie stond achter me, zonder voorbehoud. De relatie met hen is alleen maar sterker geworden. En dat geeft rust. Ik woon in de Achterhoek. En zeker nu, ben ik daar oprecht blij mee. Hier voel ik ruimte. Niet dat alles hier perfect is. Natuurlijk niet. Maar er is een soort rust, een menselijkheid, een gemoedelijkheid die me beschermt tegen de scherpte die ik in onder andere Amsterdam ervaar.
Mijn vriend woont in Nunspeet, midden in de biblebelt. Als je de verhalen en beelden moet geloven, is het er een gevaarlijke plek voor homo’s. Je hoort de frames: dat je er niet veilig bent, niet welkom, dat het er ‘zwart’ is voor wie anders is. Maar wat ik daar zelf zie en ervaar is anders. Mensen zijn er rustig, beschaafd en oprecht vriendelijk. Geen scheldpartijen, geen dreigingen, geen angst. Gewoon leven en laten leven. Het is een verrassende werkelijkheid die soms vergeten wordt, maar die ik belangrijk vind om te benoemen. Want ook daar kan het anders zijn. En dat verdient aandacht.
En dat beeld wordt breder gedeeld. In een interview uit 2018 zei Teunis, een homoseksuele jongen uit Urk – óók biblebelt – iets wat me is bijgebleven: “In de hoofdstad werd ik bespuugd. In Urk gebeurt dat niet. Urk gaat met de tijd mee. Mensen kijken hooguit even na. Ik denk dat het op Urk net zo werkt. Zo van: het zijn homo’s, maar het zijn wel ónze homo’s.” Dat zegt iets. Het bevestigt wat ik zelf ook zie: de veronderstelde tegenstelling tussen progressieve steden en ‘conservatievere’ dorpen klopt lang niet altijd. Er is een verschil tussen niet alles begrijpen en actief haten. En in veel dorpen is er ruimte gegroeid. Stil, zonder vlaggen, maar wel écht.
En juist daarom is het stuitend dat, als het over homohaat gaat, bestuurders als Marjolein Moorman (Amsterdam, GroenLinks/PvdA) stelselmatig blijven wijzen naar de biblebelt. Ook in de media wordt dat frame telkens opnieuw opgerakeld. Maar dat beeld klopt niet meer. Nee, ik zeg niet dat het daar perfect is. Maar het is er wél aanzienlijk veiliger dan op plekken als Amsterdam. Daar, in de stad van de regenboogvlaggen en Pride-vlaggetjes, is de werkelijkheid voor veel LHBTI’ers rauw en onveilig. Leven en laten leven staat in veel kleinere gemeenschappen inmiddels hoger in het vaandel dan in onze zelfverklaarde progressieve hoofdstad.
In Amsterdam daalt de homo-acceptatie hard. Vorig jaar bleek uit de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 van de GGD Amsterdam dat nog maar 43 procent van de tweede- en vierdeklassers homoseksualiteit normaal vindt. Dat was een flinke daling ten opzichte van twee jaar eerder, toen dit nog 63 procent was. Een alarmerende trend, die níét zomaar een landelijke afspiegeling is. Staatssecretaris Mariëlle Paul bevestigt op basis van onderzoek van de Universiteit van Amsterdam dat deze daling in slechts een paar regio’s speelt, met Amsterdam als opvallende negatieve uitschieter.
Het onderzoek laat zien dat onder meer jongens, vmbo-leerlingen, religieuze jongeren en jongeren met een migratieachtergrond minder positief staan tegenover LHBTI’ers. Dat is pijnlijk, maar het zijn feiten. Feiten die we niet langer kunnen wegmoffelen onder algemene slogans of door te wijzen naar andere regio’s. Geen afschuiven meer. Handel. 1/2