“Leftwing people find it very hard to get on with rightwing people, because they believe that they are evil. Whereas I have no problem getting on with leftwing people, because I simply believe that they are mistaken.”
Sir Roger Scruton
Piet Keizer (14 juni ‘43 - 10 februari ‘18).
PIET KEIZER
Sombere tijd zwarte dagen
een glimp van licht zo nu en dan
als op het voetbalveld
jij met een lome genialiteit
je van een verdediger bevrijdt
Ach die na ons komen
nooit zullen ze weten
waarvan we droomden
Remco Campert
“Aan die linkse kant is het vals: ik tolereer je, maar alleen zolang je meedoet met ons.”
Over de rest van het interview heb ik andere gedachten, maar deze ervaring van Nordin Ghouddani herken ik. Met rechtse mensen kan ik doorgaans beter omgaan dan met sommige links-progressieven. Niet vanwege politieke verwantschap. Een openlijk meningsverschil geeft tenminste helderheid. Je weet wat de ander denkt en kunt hem tegenspreken.
Moeilijker vind ik de neerbuigende tolerantie van mensen die zichzelf al als moreel en intellectueel verder ontwikkeld beschouwen. Je wordt geaccepteerd zolang je hun taal spreekt, hun analyses bevestigt en binnen hun idee van vooruitgang blijft. Zodra je zelfstandig tot een andere conclusie komt, maakt belangstelling plaats voor correctie.
Daaronder schuilt een arrogante betweterigheid. De overtuiging dat de ander geen afwijkend inzicht heeft, maar eenvoudigweg nog niet ver genoeg is.
Link: https://t.co/QOOq4769Fl
Vandaag heft de sociaaldemocratie zich op. Wij zeiden in @pvda grappend: is afspraak tussen intellectuelen en arbeiders: jullie laten ons abstracte kunst subsidiëren, wij zorgen voor jullie banen en uitkeringen. Afspraak is afgezegd, niet door de arbeiders.
'Ooit zullen de ontkenners en vergoelijkers van het Hamas-geweld eenzelfde dreun moeten incasseren als de communisten in 1956 te verwerken kregen'
https://t.co/4p9wlBHcG0
“Via haar stam ik af van de Viking Rollo, die Parijs belegerde en vanaf zijn sterfbed schijnbaar honderd christenen liet onthoofden. Dat heeft verder niets te maken met deze column, maar u mag best een persoonlijk detail weten.”
Verrukkelijke spitsvondige en geestrijke column van Izz Ad-Din Ruhulessin in de Volkskrant. Hij neemt geen blad voor de mond!
‘Op het moment dat een politieke beweging denkt de waarheid van de geschiedenis in handen te hebben, verdwijnen grenzen. Tegenstanders worden vijanden. Kritiek wordt verraad. Geweld wordt een noodzakelijke stap naar een betere wereld.’
#TeamCamus
De vriendschap tussen Albert Camus, Jean-Paul Sartre en Simone de Beauvoir behoort tot de meest fascinerende intellectuele verhalen van de twintigste eeuw. Hun breuk daarna was veel meer dan een persoonlijke ruzie. Ze draaide om een fundamenteel verschil in hoe zij naar vrijheid, macht, geschiedenis en menselijke verantwoordelijkheid keken.
Na de Tweede Wereldoorlog vormden Sartre en De Beauvoir het centrum van het Parijse intellectuele leven. Via hun tijdschrift Les Temps Modernes bepaalden zij in hoge mate het politieke en filosofische debat in Frankrijk. Camus, die inmiddels wereldberoemd was geworden met De vreemdeling en De mythe van Sisyphus, bewoog zich in dezelfde kring. Alle drie verzetten zij zich tegen fascisme en geloofden zij dat menselijke vrijheid centraal moest staan.
Toch zat er vanaf het begin een verschil onder de oppervlakte.
Camus dacht vanuit het individu. Hij had een diep wantrouwen tegenover ideologieën die beweerden de loop van de geschiedenis te begrijpen. Voor hem begon politiek bij concrete mensen van vlees en bloed, niet bij abstracte begrippen als klasse, revolutie of historische noodzaak. Zijn ervaringen in Algerije en zijn observaties van de Europese tragedieën van de twintigste eeuw hadden hem geleerd hoe gemakkelijk grote idealen kunnen uitmonden in onderdrukking.
Sartre en De Beauvoir waren ontvankelijker voor revolutionaire bewegingen. Zij zagen in socialistische en antikoloniale strijd vaak een historische kracht die de wereld kon veranderen. Hoewel zij geen slaafse verdedigers van het communisme waren, waren zij geregeld bereid tekortkomingen en misstanden te relativeren wanneer die plaatsvonden binnen bewegingen die zij als historisch progressief beschouwden.
De spanning kwam tot een uitbarsting met de publicatie van “De mens in opstand” in 1951. (L’Homme révolté)
In dat boek stelde Camus een ongemakkelijke vraag: waarom veranderen revoluties zo vaak in nieuwe vormen van tirannie? Waarom eindigen bewegingen die vrijheid en rechtvaardigheid beloven zo regelmatig met censuur, gevangenissen en geweld?
Camus betoogde dat het gevaar ontstaat zodra mensen geloven dat een verheven toekomst elk middel rechtvaardigt. Op het moment dat een politieke beweging denkt de waarheid van de geschiedenis in handen te hebben, verdwijnen grenzen. Tegenstanders worden vijanden. Kritiek wordt verraad. Geweld wordt een noodzakelijke stap naar een betere wereld.
Die analyse werd door Sartres kring opgevat als een aanval op de revolutionaire idealen die zij belangrijk vonden. In Les Temps Modernes verscheen een vernietigende recensie. De daaropvolgende publieke woordenwisseling maakte een einde aan de vriendschap. De Beauvoir stond daarbij niet aan de zijlijn. Zij schaarde zich duidelijk achter Sartre en speelde een actieve rol binnen de intellectuele kring die zich tegen Camus keerde.
Achteraf gezien kreeg de breuk een bijna symbolische betekenis. Camus bleef waarschuwen voor mensen die menen dat zij de geschiedenis kunnen sturen en daardoor morele grenzen mogen overschrijden. Sartre en De Beauvoir bleven geloven dat intellectuelen zich moesten verbinden aan grote maatschappelijke veranderingen en emancipatiebewegingen.
Daardoor werd hun conflict meer dan een persoonlijke tragedie. Het werd een botsing tussen twee manieren van denken: enerzijds de overtuiging dat menselijke waardigheid altijd voorrang moet krijgen op politieke ambities, anderzijds het geloof dat grote historische projecten soms offers en compromissen vergen. Juist daarom blijft de discussie tussen Camus, Sartre en De Beauvoir ook vandaag nog verrassend actueel.
Camus zag eerder dan velen dat de grootste gevaren vaak ontstaan wanneer politieke bewegingen zichzelf beschouwen als uitvoerders van een historische noodzaak. Sartre en De Beauvoir onderschatten dat gevaar sterk. De twintigste eeuw heeft hun optimisme harder weerlegd dan Camus’ harde scepsis.
"In theorie kun je in 🇳🇱 straks de bak in draaien als je de Hamasvlag uit je raam hangt, terwijl je belastinggeld ondertussen gebruikt kan worden om nieuwe terreurtunnels onder UNRWA-kantoren te graven in Gaza.😳
Hoe schizofreen zijn D66 en Sjoerdsma?"🧐
https://t.co/CMblhW4qNj
Goedemorgen.
Vandaag herdenken we de Slag bij Antiochië tussen de Berberse keizer Macrinus en de knettergekke zelfklusgodheid Elagabalus in 218. De rebellerende (en dus omgekochte) legioenen van Elagabalus stonden onder leiding van de eneuch generaal Gannys.
‘De open samenleving wordt ondertussen verdedigd vanuit een gated community. Achter een slagboom die vooral bedoeld is om buiten te houden wat men binnen liever niet wil zien.’
Scherp.
Observaties vanuit het riool, extra editie.
De ombudsvrouw van de Volkskrant schrijft over de giftigheid van sociale media. Over haat, bedreigingen en een publiek debat dat ontspoort. De analyse is begrijpelijk, maar vooral onthullend.
Want achter het verhaal over X en Facebook verschijnt een ander verhaal. Dat van een krant die een inclusieve samenleving bepleit, maar zichtbaar moeite heeft met een deel van de samenleving dat niet meer binnen het eigen wereldbeeld past.
De Volkskrant schrijft veel en graag over diversiteit, representatie en het belang van verschillende stemmen. Dat zijn belangrijke thema’s. Opvallend genoeg verdwijnt die nieuwsgierigheid zodra die stemmen grof, boos of institutioneel wantrouwend worden. Dan zijn ze geen bron van inzicht meer, maar een moderatieprobleem.
Dat is geen unieke Volkskrantkwaal. Het is een symptoom van een bredere ontwikkeling. Hoogopgeleide, welvarende milieus verdedigen de open samenleving met grote overtuiging, maar doen dat steeds vaker vanuit sociale en culturele gated communities. Daar wordt gesproken over inclusie, terwijl het contact met mensen buiten die kring steeds beperkter wordt.
De ironie is dat de gevolgen van die open samenleving zelden als eerste neerslaan in diezelfde gated communities. De gevolgen van immigratie, woningdruk, concurrentie op de arbeidsmarkt, overbelaste publieke voorzieningen of afnemende sociale cohesie worden meestal het eerst gevoeld door mensen met minder inkomen, minder invloed en minder keuzemogelijkheden. Zeg maar het Volk uit de naam Volkskrant. Dat deel van de naam lijkt tegenwoordig vooral historisch erfgoed.
De krant die ooit pretendeerde het land te beschrijven, beschrijft steeds vaker een land zoals de eigen welvarende fans dat zien. De boze reacties onder Facebookberichten of op X worden niet gelezen als signalen uit de samenleving, maar als bewijs dat de samenleving ontspoort.
Misschien is dat wel de kern van de huidige polarisatie. Niet dat Nederlanders elkaar haten, maar dat verschillende werelden elkaar nauwelijks nog ontmoeten. De ene kant leest over de andere. De andere kant wantrouwt de eerste. Beide zijn ervan overtuigd dat zij de werkelijkheid beter begrijpen. De open samenleving wordt ondertussen verdedigd vanuit een gated community. Achter een slagboom die vooral bedoeld is om buiten te houden wat men binnen liever niet wil zien.
“De kritiek van de Volkskrant op X schept ook verplichtingen op andere sociale media”
https://t.co/YSTDVTT2ug
Il y a 82 ans, le 6 juin 1944, plus de 150 000 hommes des forces britanniques, canadiennes, américaines et alliées ont débarqué par air et par mer en Normandie.
Ils l'ont fait pour notre liberté. N'oublions pas ! 🙏
There was no preemptive strike on Jordan.
The morning of June 5, 1967, Israel begged King Hussein to stay out of the war: if Jordan did not attack, Israel would not attack Jordan. If Jordan listened, the “West Bank” & the Old City of Jerusalem would still be in Arab hands today.
But Jordan didn’t listen.
Jordan had already mobilized 11 brigades on the border and invited Iraqi forces to join them. At 9 a.m., they began indiscriminate shelling of Jewish Jerusalem. Israel still held fire, hoping it was only symbolic support for Egypt.
At 12:30 p.m., Jordanian troops invaded and seized the UN headquarters in a key strategic position.
Only then did Israel respond.
Israel went to war against Egypt to prevent its own annihilation. It had no plans to recapture Judea and Samaria (the “West Bank”) or the Old City. Jordan forced its hand.
They f****d around.
They found out.