INSTITUTIONAL MONEY KEEPS CHOOSING ethereum:0xb2617246d0c6c0087f18703d576831899ca94f01!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!
@ADIChain_ backed by one of the world’s largest investment groups, is another major addition
how many confirmations do you need? when price hits 50 cents per token you will realize what this is about :)
Een ochtendcolumn
Het debat over hogere belastingen gaat steeds minder over bestuur en steeds meer over moraal. Hogere belastingen worden verbonden met solidariteit. Kritiek op de besteding van belastinggeld vraagt al snel om een morele verdediging.
De volgorde zou anders moeten zijn. Eerst de vraag hoe de overheid haar kerntaken uitvoert met de mensen en middelen die al beschikbaar zijn. Pas daarna komt de vraag aan de orde of extra belastinggeld nodig is.
Nederland haalt inmiddels historisch hoge belasting- en premieopbrengsten binnen. De inkomsten stijgen van ongeveer 330 miljard euro in 2020 naar ruim 450 miljard euro in 2026, een toename van bijna 37 procent. De inflatie verklaart een deel van die stijging, maar niet alles. De overheid beschikt vandaag over aanzienlijk meer financiële ruimte dan zes jaar geleden. Tegelijkertijd groeide de overheidssector sinds 2018 met 154.000 voltijdsbanen. Alleen al bij de Rijksoverheid kwamen er 51.000 voltijdsbanen bij, een groei van dertig procent. In 2024 gaf de overheid bijna 97 miljard euro uit aan salarissen en werkgeverslasten. Buiten enkele kapitaalintensieve sectoren behoort de overheid bovendien tot de best betalende werkgevers van Nederland. Aan geld, mensen en mogelijkheden om deskundig personeel aan te trekken heeft het de overheid de afgelopen jaren bepaald niet ontbroken.
Wanneer hogere belastingopbrengsten leiden tot een betere overheid, zou de uitvoering van de kerntaken in dezelfde periode zichtbaar moeten zijn verbeterd. Juist dat beeld laten de feiten niet zien.
De overheid moet burgers beschermen tegen onrecht. De toeslagenaffaire groeide uit tot een van de grootste bestuurlijke mislukkingen uit de naoorlogse geschiedenis en kost nog altijd miljarden aan herstel. De overheid moet zorgen voor goed onderwijs. Nederlandse leerlingen behoren inmiddels tot de sterkste dalers binnen de OESO. De overheid moet bestaanszekerheid bieden. Het aantal dakloze mensen nam toe en bijna één op de tien Nederlanders leeft in een huishouden met problematische schulden. De overheid moet voorwaarden scheppen voor welvaart. Juist het mkb, de motor van de Nederlandse economie, ziet de marges al jaren teruglopen en een aanzienlijk deel van de ondernemers houdt een inkomen over dat nauwelijks boven het sociaal minimum uitkomt.
Dit zijn de klassieke kerntaken van de overheid. Juist op deze terreinen zou de groei van mensen, middelen en uitvoeringskracht zichtbaar moeten zijn.
Toch verschuift de discussie steeds maar weer naar hogere belastingen. Vermogens moeten zwaarder worden belast. Nalatenschappen verder worden afgeroomd. Daarmee blijft de belangrijkste vraag onbeantwoord. Waarom heeft een overheid die de afgelopen jaren ruim 120 miljard euro extra belasting- en premieopbrengsten ontving, 154.000 extra medewerkers aannam en behoort tot de best betalende werkgevers van Nederland, haar kerntaken niet aantoonbaar beter leren uitvoeren?
Wie opnieuw pleit voor hogere belastingen zou eerst die vraag eens moeten beantwoorden. De overheid heeft meer geld gekregen, meer mensen aangenomen en haar uitvoeringscapaciteit aanzienlijk uitgebreid. De vraag is niet langer of extra middelen beschikbaar moeten komen. De vraag is waarom die extra middelen niet hebben geleid tot een aantoonbare verbetering van de kerntaken.
Dat is geen pleidooi tegen solidariteit. Juist wie de positie van kwetsbare mensen wil verbeteren, mag verwachten dat de overheid eerst laat zien dat de bestaande mensen en middelen leiden tot beter bestuur. Pas daarna ontstaat een geloofwaardige discussie over hogere belastingen.
Mijn post over erfbelasting leverde veel reacties op. Een erfenis werd ineens ‘inkomen’ genoemd, erfgenamen zouden er ‘niets voor hebben gedaan’ en opgebouwd vermogen werd benaderd als geld waarop de samenleving via belastingen en herverdeling vanzelfsprekend aanspraak mag maken.
Die reacties leggen een bredere reflex bloot.
Wanneer de overheid geld tekortkomt, wordt zelden als eerste gevraagd welke uitgaven minder kunnen, welke regeling haar doel voorbijschiet of welke overheidslaag vooral zichzelf in stand houdt. De eerste vraag lijkt steeds vaker: waar kunnen we nog iets extra’s innen?
Bij ondernemers, huizenbezitters, bedrijven, spaarders, beleggers, erfgenamen of iedereen die volgens een zelfgekozen maatstaf ‘genoeg’ heeft. Dat is wel zo gemakkelijk. Je hoeft geen moeilijke keuzes te maken en niemand hoeft afstand te doen van een bestaande subsidie, toeslag, voorziening of regeling. Je wijst eenvoudig een andere groep aan die de rekening mag betalen.
Als ondernemer kijk ik daar anders naar. Wij werken met budgetten, bewaken onze liquiditeit en moeten zorgen dat de onderneming ook op langere termijn solvabel en gezond blijft. Een euro kun je maar één keer uitgeven. Ontstaan er financiële tegenvallers, dan moeten we prioriteiten stellen, kosten verlagen, investeringen uitstellen of afscheid nemen van zaken die onvoldoende opleveren.
We kunnen onze klanten niet verplichten om voortaan maar wat meer af te dragen omdat wij onze uitgaven niet onder controle hebben.
Een overheid is natuurlijk geen onderneming. Zij heeft andere taken en verantwoordelijkheden. Maar ook publiek geld is niet onbeperkt. Ook daar geldt dat een euro maar één keer kan worden uitgegeven. Toch lijkt ‘meer innen’ politiek en maatschappelijk vaak aantrekkelijker dan ‘minder uitgeven’.
Bezuinigen doet namelijk pijn. Dan kan een regeling waar je zelf van profiteert minder ruim worden. Een belastingverhoging voor een ander voelt aanzienlijk comfortabeler. Solidariteit blijkt opvallend eenvoudig wanneer de rekening buiten de eigen brievenbus valt.
Daarbij helpt het om het vermogen van die ander eerst van een minder sympathiek etiket te voorzien. Een erfenis wordt ‘gratis geld’. Vermogen wordt ‘onverdiend’. Overwaarde is slechts geluk. En wie iets aan zijn kinderen kan doorgeven, heeft blijkbaar een oneerlijke voorsprong gecreëerd die door de overheid gecorrigeerd moet worden.
Zodra bezit moreel verdacht is gemaakt, voelt een hogere belasting niet langer als meer innen, maar als rechtvaardigheid.
Een overheid die bij ieder nieuw probleem eerst kijkt waar nog iets te halen valt, hoeft zichzelf nooit serieus de vraag te stellen waar het minder, eenvoudiger of efficiënter kan. En mensen die iedere belastingverhoging toejuichen zolang die henzelf niet raakt, verwarren solidariteit soms wel erg gemakkelijk met vrijgevigheid namens een ander.
Het is eenvoudig om ruimhartig te herverdelen wat je niet zelf hebt opgebouwd. Moeilijker is het om te accepteren dat ook de overheid niet alles kan blijven doen, en dat je een euro inderdaad maar één keer kunt uitgeven.
Een ochtendcolumn
De discussie over hogere belastingen op vermogen, box 3 en nalatenschappen begint met dezelfde aanname. De overheid heeft meer geld nodig om collectieve voorzieningen te kunnen betalen. Daarmee verschuift de discussie direct naar de vraag wie de rekening betaalt. De omvang van de rekening blijft buiten beeld.
De cijfers geven weinig aanleiding voor deze vanzelfsprekendheid. Nederland haalt in 2026 naar verwachting ruim €450 miljard aan belastingen en premies op. In 2020 was dat ongeveer €330 miljard. De belastingopbrengsten stijgen daarmee in zes jaar met bijna 37 procent. Inflatie verklaart een deel van die groei, maar niet alles. Nederland int historisch hoge belastingopbrengsten. Toch sluit ook deze begroting opnieuw met een tekort.
Begrotingstekorten zijn in Nederland historisch eerder de regel dan de uitzondering. Hogere belastingopbrengsten leiden kennelijk niet vanzelf tot een sluitende begroting. De verklaring ligt daarom niet aan de inkomstenkant.
De overheid werd ingericht om collectieve voorzieningen te organiseren. Veiligheid, rechtspraak, infrastructuur, onderwijs en een sociaal vangnet vormden de kern. Geleidelijk verschoof de taakopvatting. De overheid ging zich steeds vaker bezighouden met hoe mensen wonen, reizen, eten, verwarmen, opvoeden, sparen, beleggen en ondernemen. Voor ieder nieuw maatschappelijk vraagstuk ontstond een nieuwe overheidstaak.
Daarmee veranderde ook het karakter van de overheid. Een organisatie met een begrensde opdracht groeit alleen wanneer die opdracht groeit. Een organisatie die zichzelf steeds nieuwe opdrachten geeft, kent die begrenzing niet. Iedere nieuwe taak vraagt mensen, uitvoering, ICT, management en structureel budget. De organisatie groeit mee. De Rijksoverheid groeide de afgelopen jaren fors in personeelsomvang en de brede overheid biedt inmiddels werk aan meer dan een miljoen mensen.
Over de omvang van de overheid bestaat wel degelijk een politiek debat. Dat loopt vast in een links-rechtstegenstelling. Meer overheid wordt verbonden met meer collectieve voorzieningen, minder overheid met afbraak daarvan. Daarmee verschuift de aandacht van de echte vraag. Niet iedere maatschappelijke opgave kan automatisch een overheidstaak te worden. Een ambtelijke organisatie is geen duizenddingendoekje. Iedere nieuwe taak vergroot de druk op de uitvoering. De opeenstapeling van vastgelopen dossiers laat inmiddels zien dat ook de overheid een grens kent.
Toch richt de politieke discussie zich bij een begrotingstekort zelden op de vraag welke taken kunnen verdwijnen. De aandacht verschuift vrijwel direct naar de dekking. Welke belasting kan omhoog? Welke aftrekpost kan verdwijnen? Wie kan er nog meer bijdragen? Hoe dichten we de gaten in de begroting? Economen, fiscalisten, hoogleraren en opiniemakers onderbouwen vooral waarom vermogen zwaarder kan worden belast, waarom box 3 verder moet worden aangescherpt of waarom nalatenschappen veel meer zouden moeten bijdragen. De grijsgedraaide brede schouders logica. Daarmee verschuift het debat steeds maar weer van het takenpakket naar de verdeling van de belastingdruk.
De belangrijkste politieke keuze blijft daarmee steeds buiten beeld. Een begrotingstekort bewijst immers niet dat Nederland te weinig belasting heft. Nederland haalt historisch hoge belastingopbrengsten binnen. Het laat vooral zien dat de uitgaven blijven meegroeien met een overheid die zichzelf steeds meer taken geeft.
De discussie over hogere belastingen begint aan het einde van de redenering. De vraag is niet alleen hoeveel belasting Nederland wil heffen. De vraag is welke overheid Nederland wil financieren. Zolang de discussie over de taken van de overheid wordt vervangen door een discussie over de verdeling van de belastingdruk, blijft een fundamentele politieke keuze buiten beeld.
The 4H chart on $NPC is looking primed. The Alpha Razor Terminal has given it the highest rating:
🏆 Grade: S (85% Confidence)
🔥 Strength: STRONG
📈 Flow/Pressure: Building
With a fresh entry at 0.0067, the mathematical edge is heavily in favor of the bulls here. Tracking TP1 at 0.007 up to a massive TP3 at 0.0077.
Eyes on the charts. 👁️
Which style fits your feed best for this trade?
$NPC is going to be the biggest meme runner in Ethereum history.
the raw data proves where the real giants are born.
Historical peak market caps $SHIB #ETH $43.5 BILLION
$WIF #SOL $4.8 BILLION
All of the #Altcoins look ready to break upwards in a strong way.
Many bullish divergences on many timeframes and on both the USD and BTC pairs are indicating that there's a great period on the horizon.
I'm happy to be fully allocated.